Beweegredenen


Berichten
17 februari 2020
De afgeblazen verhuizing van onze mariniers heeft ook een positieve kant. Onze stoere jongens blijken gewoon een soort Dad's Army. Ze willen bij hun partner blijven. Dat is een goede ontwikkeling. Mariniers laten zien dat je gewoon bevelen van hogerhand kunt weigeren! Een voorbeeld voor de rest van het leger. Laat je niet langer klakkeloos uitzenden naar oorlogsgebied! Blijf lekker thuis!


12 februari 2020
Als je in Cuijk woont, ligt Volkel op een bomworp afstand. En dat zul je horen ook.
De Nederlandse luchtmachtdagen op 14 en 15 juni 2019 op vliegbasis Volkel trokken ruim 240.000 belangstellenden. Dat is aanzienlijk meer dan de Nederlandse luchtmachtdag op 3 juni 2015 in Hawija, Irak. Daarbij vielen 70 burgerslachtoffers.

Dit jaar zijn er geen luchtmachtdagen in Volkel. Dat wil niet zeggen dat het er nu rustig is. Sinds enkele weken zijn er elke avond vliegoefeningen waarbij onze jongens hun oude en nieuwe speeltjes, de F16 en JSF, naar hartelust kunnen uitproberen. Vanwege de ermee gepaard gaande geluidsoverlast leek het me een goed idee om maar eens een officiële klacht in te dienen bij vliegbasis Volkel. Gewoon onder mijn eigen naam, want dat maakt het voor de AIVD ook wat makkelijker om zicht te houden op potentiële onruststokers. Na enkele weken kreeg ik een keurig standaardantwoord van de afdeling communicatie van de vliegbasis, dat kort gezegd erop neerkomt dat het allemaal voor onze eigen bestwil is. Met modieuze termen als 'combat ready' en grammaticaal onjuist gebruik van 'echter', maar dit terzijde.
Nu kan ik me niet herinneren dat ik, of beter gezegd onze volkvertegenwoordiging, ooit iets te zeggen heeft gehad over wat er in Volkel ligt of gebeurt. Voor de zekerheid ging ik het even na. Zestig jaar geleden zijn de eerste Amerikaanse atoomwapens in Volkel gestationeerd, volledig buiten het parlement om. De enige volksvertegenwoordigers die hier niet zomaar genoegen mee namen, waren van de PSP en CPN. Beide partijen zijn al lang verdwenen uit de Kamer, en hun opvolger Groen Links stemt probleemloos in met Nederlandse deelname aan (door de VS geïnitieerde) oorlogen, al worden die tegenwoordig 'vredesmissies' genoemd. Nog even en het Ministerie van Oorlog, pardon Defensie, wordt het Ministerie van Vrede. En zo krijgt George Orwell alweer gelijk.
31 januari 2020
Frank Kalfshoven benoemt in zijn column in de Volkskrant geregeld zaken waar Prins Bernard Jr. niet blij mee is. Woningschaarste is het gevolg van krankzinnige prijs die je voor een woning moet betalen, en niet een gevolg van te weinig woningen. Al die gesubsidieerde bouwactiviteit komt in de eerste plaats ten goede aan de grote bouwconcerns.

10 januari 2020
Een wat ouder stuk van Rutger Bregman uit maart 2016.

1 september 2019
In 1960 begon de toen 16-jarige Ken Orpe uit Derby, Engeland in zijn eerste baan. Zijn idool was wielrenner Tommy Simpson, zijn droom was een racefiets van de Engelse fabrikant Mercian. Na drie jaar had hij genoeg gespaard. In 1963 kocht hij een splinternieuwe King of Mercia, handgebouwd door Mercian. Hij liet de fiets spuiten in de kleuren van Tommy Simpson's fiets en zette zijn eigen naam op de bovenbuis. Ken begon aan de eerste van vele kilometers door zijn geboorteland. De Peak District kende hij als zijn broekzak, hij fietste naar meerdere keren naar Land's End, binnen een dag op en neer naar Londen, en nog vele kilometers meer. In 1969 ging hij trouwen en de fiets moest weg.
Een halve eeuw later kreeg Ken (nu 75) een mailtje van een Nederlander. Die Nederlander was ik. Ik had op Ebay een oud frame gekocht. Het was een Mercian. Het lakwerk was in slechte conditie, maar ik kon de naam op de bovenbuis ontcijferen. Na even zoeken op Google vond ik het mailadres van Ken.
Ken was verbijsterd. Vooral toen ik mailde dat ik even later in Engeland was voor de Eroica Britannia, en dat ik wel even langs wilde komen. Na 50 jaar herenigd met zijn fiets!


BBC Radio Derby vond het zo'n mooi verhaal dat ze een reporter ter plekke hadden.
Ook fietsenbouwer Mercian, nog steeds actief in een klassieke oude werkplaats even buiten Derby, hoorde ervan. Ik werd er met open armen ontvangen, kreeg thee en een rondleiding op de historische grond waar Ken's fiets is gebouwd.

Luister naar de uitzending van BBC Radio Derby

27 augustus 2019
Richard Wolff in gesprek met Abby Martin over de hernieuwde belangstelling voor socialisme in de Verenigde Staten.

11 maart 2019
Tweeëneenhalf jaar geleden kon ik een kleine maar bekende fietsenwinkel aan de Willemsweg in Nijmegen overnemen. Sindsdien ga ik iedere dag met plezier naar mijn werk. Als eenpitter-fietsenmaker krijg je ook te maken met het leed dat fietsdiefstal veroorzaakt. Een fiets is meer dan een stuk ijzer: je raakt er aan gehecht.

Registraties
In Nederland wordt op verschillende manieren gewerkt aan het tegengaan van fietsdiefstal. Over de rol van de Nijmeegse politie daarbij straks meer. Op initiatief van de fietsenbranche bestaat sinds ruim tien jaar een registratiesyteem waarbij nieuwe fietsen van de grote Nederlandse merken worden voorzien van een transfer op het frame met een barcode en nummer. De eerste twee letters geven de fabrikant aan (GZ voor Gazelle, BA voor Batavus, etc.), gevolgd door een uniek cijfer. Deze registratiecodes worden beheerd door de RDW. Iedereen met een fiets met zo'n code kan deze opzoeken op het openbare fietsdiefstalregister van de RDW op fdr.rdw.nl. Je ziet dan het merk, type, kleur en andere specificaties van de fiets en je ziet of de fiets wel of niet als gestolen is geregistreerd.
Daarnaast bestaat sinds 2008 het door de politie opgezette register stopheling.nl. Daarin vind je serienummmers van gestolen goederen waarvan aangifte is gedaan. Niet alleen fietsen, maar van alles: boormachines, mobiele telefoons, motorboten, noem maar op. Ook dit register is publiek toegankelijk.
Dan is er nog het opkopersregister van de politie. Handelaars in gebruikte goederen dienen hierin hun verkoopwaar te registreren, zodat de politie kan nagaan of er geen gestolen goed bij zit. Dit register is niet publiek toegankelijk.
Terug naar mijzelf. Voordat een gebruikte fiets bij mij in de winkel komt, controleer ik eerst of de fiets niet voorkomt in een van beide diefstalregisters. Dan registreer ik de fiets in het opkopersregister. De registraties werken alleen als van iedere gestolen fiets aangifte wordt gedaan. Iemand die bij mij een nieuwe of gebruikte fiets koopt krijgt een aankoopbon met registratie- of framenummer. Ik adviseer daarbij altijd om bij diefstal direct aangifte te doen.

Controle
Vorige week kreeg ik, direct na mijn carnavalssluiting voor het eerst een controle door de Nijmeegse politie. Twee agenten stapten de winkel binnen. Een oudere agent, kennelijk de mentor, laten we hem Wout noemen, en een jongere, kennelijk de leerling. Wout kondigde aan dat een controle van de fietsen in de winkel zou worden uitgevoerd. Omdat ik er 100% zeker van ben dat er geen gestolen fietsen in mijn winkel staan, heb ik de heren van harte uitgenodigd om hun gang te gaan.
Ik heb uitgelegd dat alle gebruikte fietsen zijn gecontroleerd aan de hand van de diefstalregisters en dat bijna alle fietsen zijn aangemeld in het opkopersregister. Ik heb daarbij gewezen op een zestal fietsen die ik direct voor carnaval had binnengekregen. Die had ik allemaal gecheckt in de diefstalregisters, maar nog niet kunnen invoeren in het opkopersregister. Ik heb de agenten de handgeschreven lijst met merk, type en framenummer van deze fietsen laten zien. De heren togen aan het werk.
Intussen was het een komen en gaan van klanten die hun gerepareerde fiets kwamen ophalen, een slot wilden kopen, of informatie wilden. Ik stond te klanten te woord terwijl de leerling fietsen op de kop zette en nummers aan zijn mentor voorlas die ze in een computertje invoerde. Een klant vroeg aan Wout of ze al een gestolen fiets hadden gevonden. Dat is niet te hopen voor hem, zei de agent, met een knik naar mij.
Op een gegeven moment had de leerling een jonge Gazelle op de kop gezet en was bezig een lang framenummer voor te lezen. Ik legde uit dat deze fiets bij de RDW als niet-gestolen staat geregistreerd onder de registratiecode die op de transfer onder de lak staat. Het nummer in het frame is een nummer dat de doorgaans Taiwanese fabrikant van de frames gebruikt om te controleren of de productietargets worden gehaald. Met andere woorden, of de zwaar onderbetaalde lasser wel voldoende frames per uur maakt. Wout was er duidelijk niet van gediend om gecorrigeerd te worden. Het was evenzeer duidelijk dat de mannen vooraf niet waren geïnformeerd over de bestaande fietsregistratiesystemen die nota bene door de fietsenbranche in samenwerking met de politie zijn ontwikkeld.
Na ruim anderhalf uur, het was bijna sluitingstijd, hadden de agenten er genoeg van. Het was tijd voor de afrekening. Er waren dan wel geen gestolen fietsen gevonden, maar er was wel geconstateerd dat ik niet aan de registratieplicht had voldaan omdat een aantal fietsen niet was ingevoerd in het opkopersregister. Ik herinnerde de heren eraan dat dit nu precies was wat ik hen bij binnenkomst had verteld. Maar regels zijn nu eenmaal regels. Ik zou daarom bekeurd worden en een boete krijgen. En die boetes zijn zeer fors, zei Wout. Ik besloot, vermoedelijk veel te laat, om de onderdanige te spelen. Zou Wout dan niet voor één keer coulant willen zijn en mij tot morgenvroeg de gelegenheid willen geven om die paar nummers in te voeren? Het papiertje met de nummers lag immers naast de computer. Nee, dat wilde hij niet. Ik kon wel via een advocaat bezwaar maken. Nu is het uurtarief van de goedkoopste advocaat in Nijmegen het zesvoudige van mijn uurtarief als fietsenmaker, dus dat is geen optie. Ik heb de agenten toen maar dringend verzocht om mijn winkel te verlaten.

Disproportioneel
De vraag is natuurlijk wat een dergelijke controle bijdraagt aan het tegengaan van fietsdiefstal. De handel in gestolen fietsen speelt zich namelijk niet af in de winkel van een fietsenmaker. De fietsenmakers die nog over zijn, drijven voor een groot deel op reparaties. Ze moeten het hebben van hun vakkennis, hun vermogen om een probleem snel te doorgronden en op een betaalbare manier op te lossen, te adviseren bij de keuze tussen mogelijke oplossingen, kortom hun service en klantgerichtheid.
De handel in gestolen fietsen speelt zich voor een belangrijk deel af op internet, via onduidelijke, steeds van naam wisselende adverteerders op Marktplaats of in Facebookgroepen waarbij fietsen van eigenaar wisselen in adresloze garageboxen.
Veruit het grootste deel van de fietsdiefstal in Nederland, zowel in aantallen fietsen als in waarde van het gestolen goed, vindt plaats in georganiseerd crimineel verband, vaak op bestelling. De fietsen verdwijnen ver over onze oostgrens naar Europese lidstaten waar de bereidheid om gestolen fietsen op te nemen omgekeerd evenredig is aan de bereidheid om vluchtelingen op te nemen.
Het lijkt mij dat een nachtje gericht undercover surveilleren op plekken waar veel fietsen worden gestolen (denk aan de onbewaakte stalling bij het station) een veel grotere bijdrage levert aan het tegengaan van fietsdiefstal dan een middagje fietsenmakers bekeuren omdat ze een nummertje niet op tijd hebben ingevoerd.
Als ik kijk naar de uren die door de politie worden vrijgemaakt voor de controle van fietsenmakers, is dat op zijn minst disproportioneel. In andere (digitale) segmenten van de maatschappij is de vindkans op gestolen fietsen oneindig veel groter. Ik krijg verder de indruk dat de kosten van deze ondoordachte capaciteitsinzet worden verhaald op de fietsenmaker. Als er geen gestolen fietsen worden gevonden word je, onder het mom van registratieplicht, wel voor iets anders bekeurd.
In de strijd tegen fietsdiefstal zal de politie juist moeten samenwerken met de fietsenbranche, fietsenwinkels en fietsenmakers. Kennis moet worden gedeeld. Agenten moeten bekend zijn met bestaande registraties, fietsenmakers kunnen hun kennis over indicatoren van diefstal delen met de politie. Door de werkwijze van de Nijmeegse politie is mijn bereidheid om kennis te delen tot het nulpunt gedaald.
Tot slot. Enkele uren voor de inval van de agenten stapte een mij totaal onbekende man de winkel binnen. Of ik belangstelling had voor een partij ‘eerlijke’ fietsen. Hij sprak de aanhalingstekens bijna letterlijk uit. Ik vertelde dat ik alleen samenwerk met enkele bekende en vertrouwde leveranciers. Achteraf denk ik: was dit een ‘stille’? We weten dat er lokfietsen worden ingezet om fietsendieven te vangen. Maar lokfietsdealers voor fietsenmakers? Ik weet het niet. Als het zo is, weet zelfs de burgemeester het niet.
Leeslijst
(klik op de titel om de epub te downloaden...)